Maar nu echt!

Het bewijs is verhuisd naar een ander adres. Volg het weblog van een huisvader verder op http://www.hetbewijs.blogspot.com/

27 September 2011
By on 20:22
Al doende

In een vlaag van huishoudelijkheid had de man per ongeluk besloten de prullenbakken in de kamers van zijn jongens vandaag ook maar eens te legen. Waarbij hij in die van zijn jongste zoon dus een zestal gesmeerde en belegde boterhammen, een tomaat en een appel aantrof. De onaangeraakte inhoud van zeker drie verantwoorde tussendemiddagse broodtrommels. Hij begreep nu wel de honger waarmee zijn zoon de laatste tijd opeens thuiskwam uit school, en die hij eerst, onterecht dus, aan een groeispurt had toegeschreven.
Maar goed.
Al moest hij stiekem ook wel een klein beetje lachen - om het beeld van zijn jongen die stilletjes en onopvallend met zijn tas de trap op sloop, om zich boven in het grootste geheim van zijn volle broodtrommel te ontdoen, die hem anders zeker op vermoeiend gemopper en gezeur zou komen te staan - de man besloot toch zijn opvoedende taak serieus te nemen en confronteerde zijn jongen met zijn vondst.
Gelaten, en met keurig deemoedig gebogen hoofd hoorde hij het geduldig aan, het hele verhaal. Over gezondheid en energie, en goed en regelmatig eten, en niet voor niets een lunch mee naar school. De kindertjes in de derde wereld. En opa die de oorlog nog had meegemaakt.
Dat hij het nooit meer zou doen, was uiteraard de magische slotzin waarmee hij aangaf zijn lesje nu wel geleerd te hebben. Al vreesde de man dat hij vooral geleerd had dat hij dit voortaan slimmer aan moest pakken.

8 July 2011
By on 16:17
Vader

Vijfentwintig, werd zijn dochter dit jaar. Vijfentwintig jaar. Man! Het was dus al net zo lang geleden dat hij vader werd, voor het eerst. En voor altijd, ook meteen maar. Veel ouder dan vijfentwintig was hij zelf toen niet geweest trouwens, ook iets om over na te denken. Of juist maar liever niet misschien.
Goed.
Eigenlijk duurde het nog een paar maandjes, de verjaardag, maar om allerlei redenen was het haar idee geweest het nu alvast te vieren. Op eerste pinksterdag. Met een groot feest. Een echt familiefeest, met liedjes en stukjes en sketches en acts. Hoewel dat waarschijnlijk vooral door de familie was bedacht.
En omdat hij nu eenmaal haar vader was, had de man besloten xf3xf3k een lied voor haar te zingen. En wxe1t, had hij gedacht, kon je op eerste pinksterdag, als vader, nou beter zingen, voor je vijfentwintigjarige dochter, dan Op Een Mooie Pinksterdag? Ze ging over een paar weken verdorie nog samenwonen xf3xf3k! Wat kon hij xe1nders zingen dan Op Een Mooie Pinksterdag?
Dus daar stond hij. Ben je bang voor het hondje, hondje bijt niet, papa zegt dat hij niet bijt.
En hoewel hij het aanvankelijk een klein beetje een clichxe9-erig idee had gevonden, juist dit lied, een beetje een tuttig liedje ook, eigenlijk, toch hield hij het zelf bijna niet droog. Omdat het zo wxe1xe1r was, wat hij zong. Niet van dat hondje, natuurlijk, want met honden kun je niet voorzichtig genoeg zijn.
Maar dat alles maar zo voorbij gaat.
En dat hij inderdaad wou dat hij nog xe9xe9n keer met zijn dochter aan het handje lopen kon.
Samen in de zon.

20 June 2011
By on 10:11
Lang leve de afwas!

Iets langer dan acht maanden was hij madidoman geweest, in plaats van huisvader. Had hij drie keer per week voor dag en dauw huis en haard verlaten, zijn jongens nog slaperig en eenzaam aan de ontbijttafel achterlatend, om in het zweet zijns aanschijns zijn eigen boterhammetjes te verdienen. Financixeble onafhankelijkheid na te streven. Te woekeren met zijn talenten. Te groeien in zijn persoonlijke ontwikkeling en maatschappelijk actief te zijn. En nog zo wat van die dingen.
Maar het was hem slecht bevallen. Heel slecht, zelfs.
Zo was hij zich bijvoorbeeld – tegen beter weten in hoor, dat dan nog wel – toch aldoor lichtelijk schuldig blijven voelen tegenover zijn jongens, die juist in de afgelopen acht maanden vaker ziek waren geweest dan ooit tevoren, uitgerekend op de dagen dat hij moest werken uiteraard. Hij had zijn huishouden nxf3g verder zien versloffen, en zijn verbouwing zelfs volledig zien stokken.
Maar vooral had hij gaandeweg steeds sterker het gevoel gekregen dat hij niet tegen zijn nieuwe taak was opgewassen. Dat het niet klopte. Dat hij het verkeerde hooi op zijn vork had genomen. Steeds erger was hij gaan opzien tegen de dagen. Met telkens zwaarder gemoed was hij x92s ochtends de deur uitgegaan, stijf van de stress en de zenuwen. Aanvankelijk had hij dapper gevonden dat hij daar maar gewoon doorhxe9xe9n moest, als beginner, als debutant. Dat dat er natuurlijk gewoon bijhoorde, en dat dat wel over zou gaan. Maar toen hij acht maanden later dus nog altijd niet sliep en zichzelf moest toegeven dat hij eigenlijk diep ongelukkig was, zichzelf hyperventilerend aan de ontbijttafel terugvond, was hij zich dan maar eens gaan afvragen hoe letterlijk je dat eigenlijk moest nemen, dat woekeren, met je talenten. En had hij ontslag genomen. Hij had zijn tijdelijk contract niet eens meer volgemaakt, hij was gevlucht met de staart tussen de benen.
Dus nu was hij weer gewoon huisvader.
Trots was hij er niet op. Nee, dat niet. Maar wel zxf3 ontzxe9ttend opgelucht dat hij nu alweer een week fluitend van puur geluk de afwas stond te doen.

8 June 2011
By on 10:57
Bil

Te laat was de man er die ochtend achter gekomen dat het xe9xe9n april was. Bij zijn bordje op de ontbijttafel hadden twxe9xe9 kopjes gestaan. Exe9n teveel. Twxe9xe9 theekopjes, met allebei een laagje water erin. En aan tafel zaten twee jongetjes met glimmende oogjes. Ingehouden lachjes om de mond. Maar dat had de man zich dus pas later gerealiseerd. Achteraf. Toen hij de kopjes al leeggegooid en weggezet had, en licht gexebrgerd een nieuw theekopje uit de kast gepakt. Omdat hij een hekel had aan kopjes waar al, of nog een laagje water in stond.  Omdat het kopje dan dus namelijk blijkbaar al door iemand anders was gebruikt. Niet dat hij vies was van zijn huisgenoten, maar hij begon de dag nou eenmaal graag met een schoon kopje en een schoon bordje en een schoon mes.  Pas toen hij in het schone kopje zijn thee had ingeschonken, en twee licht teleurgestelde gezichten zag, toen pas realiseerde hij zich de glimmende oogjes van daarnet. En de ingehouden lachjes. En dat het xe9xe9n april was. Maar toen was het dus al te laat, om er nog in te trappen.

3 April 2011
By on 14:51
Ontsnapt

Echte jongens, waren zijn jongens. Met scheuren in hun broeken en gaten in hun kniexebn. Modder aan hun schoenen en overal zand. Maar dus ook met rooie wangen van het buiten spelen en glimmende oogjes van avontuurlijke ondernemingslust. Voetballen, bomen klimmen, hutten bouwen. Bootje varen, slootje springen, kikkers vangen. Vaak zat de man dan ook de hele middag vaderziel alleen aan tafel, met zijn kopje thee en zijn belangstellend luisterend oor. Daar hadden zijn jongens dan namelijk even helemaal geen tijd voor. Omdat er buiten nog van alles te doen was.
Nu waren ze bijvoorbeeld ook meteen uit school weer op pad gegaan. Met hun pijlen en bogen. Die had hij van de week met ze gemaakt. Van een tak van de wilg gezaagd, en een stukje overgeschoten waslijn. Met zelfgeslepen takjes als pijlen. Wie wil er nou een wii? Mikken op bomen en ballen, en plastic flesjes van het muurtje afschieten.. zolang ze niet op elkaar of anderen schoten, zag de man er de jongenslol wel van in. Lekker spannend, dat wist hij nog wel.
Kijk, daar kwam zijn jongste het huis weer binnengestormd, de kamer vullend met leven en gedruis. Het avontuur spatte hem uit de ogen. Zijn lange manen wapperden al even opgewonden achter hem aan. Die had wel iets hxe9xe9l spannends meegemaakt, dat was aan alles te zien en te horen. En daar kwam hij rapport van uitbrengen. Voor de zekerheid hield de man zijn hart toch maar eventjes vast.
Zijn pijl en boog had hij niet bij zich, vertelde hij met horten en stoten en struikelend over zijn woorden, want toen ze aan het schieten waren, was de politie langsgereden, twee keer, dus die hadden het vast gezien. En hij had gedacht dat dat waarschijnlijk wel allemaal niet zomaar mocht. Dus om het zekere voor het onzekere te nemen had hij zijn pijl en boog maar even in de bosjes verstopt. Die ging hij later vanmiddag wel weer halen.

21 March 2011
By on 20:44
Vast ongepast

Nu hij madidoman was, nam hij dus ook met enige regelmaat deel aan de ochtendspits. Een verschijnsel dat zich tot dan toe voornamelijk alleen in zeer milde vorm had voorgedaan, in zijn riant ontspannen huisvaderbestaan. Op de radio, als hinderlijke onderbreking van het ochtendprogramma, en aan de wastafel, vlak voor het naar school brengen van zijn jongens, wanneer ze allebei tegelijk nog hun tanden moesten poetsen. En hun haren borstelen, en zorgvuldig modelleren. Niets, helemaal niets vergeleken met het hufterig en horkerig gedrang rond de deuren van de trein, waarin hij zich tegenwoordig opeens bevond. Voor dag en dauw, ook nog.
In een gevecht op leven en dood perste en duwde de menigte zichzelf en elkaar iedere ochtend, met tassen en koffers en rugzakken en al, langs en over en liefst ook dxf3xf3r elkaar heen naar binnen, de trappetjes op, naar boven of beneden. Allemaal op weg naar de aller- aller- allerlaatste stoel.
Meestal bekeek de man het primitief gedoe van gepaste afstand, met gepaste ergernis, en zorgde hij ervoor zelf ruimschoots buiten schot te blijven. Als hij dan waardig als laatste de coupxe9 betrad was er altijd nog voldoende plek en kon hij bovendien eens rustig en kritisch bekijken naast of tegenover wie hij eventueel plaats zou willen nemen.
Wat dan ook weer niet eens zo makkelijk was, trouwens.
Leuke meisjes, bijvoorbeeld, meed hij maar liever zo veel mogelijk. Die zouden namelijk best wel eens de hele reis een ontzettend dom en verveeld telefoongesprek kunnen gaan zitten voeren, waar zijn zo vroeg op de dag toch al wankele humeur zeker onder zou bezwijken. Of anders haalden ze hun toilettas wel tevoorschijn en waren ze tot drie stations verderop met poederkwasten, lippenstiften en mascaradingen in de weer. Met minuscule spiegeltjes, pincetjes en penseeltjes. Beweginkjes en gebaartjes. Gepluk en gepulk en gewrijf en gefrunnik. Een raadselachtig ritueel waarvan de man nxedet kon begrijpen dat dat zich blijkbaar in het openbaar moest afspelen en waar hij niet anders dan met grote gxeane getuige van kon zijn omdat hij altijd een beetje bang was dat ze dan dus ook net zo goed nog wel even een schone tampon in konden brengen.
Jongens met petten van gel en capuchons met afgezakte broeken sloeg hij ook het liefst maar over want die hadden meestal zox92n lekkende koptelefoon op. Of gingen elkaar heel hard stoere verhalen vertellen, en overdreven lachen, om indruk te maken op de leuke meisjes achter hun spiegeltje, spiegeltje in de hand. En mannen in groepjes van twee of drie vielen ook af, vanwege de vaak niet te harden kantoorpraat.
Maar goed. Toch vond de man meestal nog wel een plekje waar hij min of meer ongestoord zijn krantje kon lezen. Alleen vandaag niet. Vandaag liep het anders. Het was ook drukker vandaag, leek het wel, en de man werd ondanks zichzelf meegezogen de trein in, en het idee dat er niet genoeg stoelen waren voor iedereen. Een snelle blik door de coupxe9 deed vermoeden dat dat trouwens inderdaad ook best eens het geval kon zijn en hij besloot voor deze keer zijn elitaire scrupules dan maar opzij te zetten en in de eerste de beste vrije stoel te gaan zitten om niet te hoeven staan. Pas toen hij al verder dan halverwege de zithouding was, bemerkte hij zijn vergissing. De eerste de beste vrije stoel was namelijk helemaal niet vrij. Die was half bezet. Door de vrouw in de stoel ernaast. Die daar dus helemaal niet eens in paste. Waardoor de man klem kwam te zitten tussen de leuning van de stoel en de enorme dij van de vrouw. Om het allemaal niet nog veel verschrikkelijker te maken dan het al was, liet hij zijn bovenlijf zo ver mogelijk opzij het gangpad in hellen, maar tegelijkertijd voelde hij zxf3veel zxf3 ongewenst lichamelijk contact dat hij zich afvroeg of het nog wel verschrikkelijker kxf3n.
Maar.. in deze ongemakkelijke houding, in deze genante positie, zat de man zich dan toch wxe9l weer de halve treinreis af te vragen of het xe9rg ongepast zou zijn weer op te staan en een rij verderop te gaan zitten. Waar, zag hij namelijk nu opeens, toch ook nog een stoel was leeggebleven. Tegenover een behoorlijk leuk meisje, dat dan weer wel.

17 March 2011
By on 17:19
Was goed

Tjongejonge wat zaten je dagen ook meteen helemaal vxf3l, als je halve dagen werkte, mopperde de man de laatste tijd geregeld bij zichzelf. Je kwam verdorie verder eigenlijk nergens meer aan toe. Want in die andere, kleinere helft van de dag, die overbleef na al die zelfontplooiing en nuttigheid voor de samenleving, moest evengoed nog wel het hele huishouden worden gepropt. Voor werkende moeders was dat dan geen nieuws, had hij wel eens ergens gelezen, en, nou ja, voor hem was het xf3xf3k geen volslagen verrassing natuurlijk, al was hij dan een man, maar txf3ch viel het hem tegen. Dat zou hij maar eerlijk toegeven. Toch viel het hem niet mee. Want als het eindelijk gedaan was, met de boodschappen eten koken de was en de jongens naar sport muziek en naar bed, dan was er misschien nog wel een klein beetje tijd, maar eigenlijk geen puf meer. En zo schoten al zijn leuke, creatieve zijpaden er langzamerhand toch een klein beetje bij in.
Jammer, vond hij dat.
Dus vandaag zou hij dat eens anders doen, had hij niet voor het eerst gedacht. Vandaag was zijn vrouw toch ook pas heel laat thuis, vanwege haar carrixe8re – een zakendiner, een vergadering, of misschien wel alletwee, de man wist het niet eens meer precies – dus vanavond zou hij, na de afwas, de boel maar eens de boel laten en gewoon achter de computer kruipen. Om weer eens iets leuks en creatiefs te doen.
Toch was het blijkbaar alweer later dan gedacht want hij had de computer nog niet aangezet of zijn vrouw kwam thuis. Met de prachtigste verhalen. Over haar geslaagde zakendiner. En dat ze haar mail even wilde checken want dat ze de hele dag niet op haar kantoor was geweest en dat er misschien wel iets belangrijks.. en hop, daar stond de man al. Naast zijn eigen burostoel, waar nu zijn vrouw in zat, achter zxedjn computer. Dat ze xe9xe9nendertig mailtjes had, meldde ze niet zonder trots. Exe9nendertig mailtjes! Goedgemutst en daadkrachtig liet ze het toetsenbord ratelen. Stilletjes slofte de man de trap af, naar beneden. Daar stond vast nog wel een mand vol ongevouwen was. Die hij vanavond de was had gelaten.

14 March 2011
By on 21:23
Ach ja, de man

Voor hem uit, tussen de schappen van de supermarkt, liep een bekend gezicht. Het was een vrouw, een leuke, jonge vrouw. Een opvallende en vrolijke verschijning in een paarse jas en met kortgeknipte, rode haren. Een wakkere blik en zwierige tred. Het soort vrouw waar hij, als het zo uitkwam, dan wel eens zox92n beetje achteloos een praatje mee aan probeerde te knopen. Met een grapje of zoiets. Voor de aardigheid. Om zich even in haar aandacht te koesteren. En te laten zien natuurlijk, dat er ook een hele leuke jonge man aan hem verloren was gegaan.
Ach ja, de man.
Het lastige was nu alleen dat hij zich verdorie niet meer kon herinneren waarvxe1n hij haar dan kende. Was het een moeder van school? Werkte ze in een winkel, een cafxe9, de bibliotheek? Was het een kennis van een kennis? Zelfs drie gangpaden verder, de koffie en de thee, het broodbeleg, de rijst en de pasta en de indische produkten, had hij nog altijd gxe9xe9n idee. En hij besloot dat dit gezellige praatje dan maar aan zijn neus voorbij moest gaan want met x91kennen wij elkaar niet ergens vanx92  hoefde hij natuurlijk niet aan te komen. Zxf3veel wist hij nog wel. En zo erg was het nou ook weer niet.
Berustend in zijn lot zag hij haar twee plaatsen voor zich in de enige rij bij de kassax92s haar boodschappen afrekenen. Nee, hij wist het niet. En zelfs haar aandoenlijk onhandig geklungel met haar pinpas en de charmante verontschuldigende glimlach hielpen hem niet verder.
Bij het weglopen draaide zij zich nog even om, om te zien of ze niets was vergeten waarschijnlijk, ze kende zichzelf misschien, en zo keek hij haar dan bij toeval alsnog recht in de mooie ogen. Een blik van herkenning lichtte er in op. Een vrolijke lach brak door op haar frisse gezicht, en zijn voornaam zong door de supermarkt. Of alles goed was, vroeg ze nog, en de man riep terug van ja. Dat alles goed was met hem. Gelukkig liep ze wuivend door. De man wist nog steeds niet wie het was.

11 March 2011
By on 15:17
Vliegt

Het was dan wel niet echt lekker weer, echt slecht was het nou ook weer niet en een beetje frisse lucht deed wonderen, soms. Dus daar liepen ze, zijn vrouw en de man. In de duinen, met hun jongens. Lekker in de natuur. Stevig gearmd, met ferme stap en een tevreden blos op de wangen. Hun jongens, met stokken en takken, zwermden en gonsden om hen heen, als altijd verwikkeld in ieder een eigen monoloog en een eeuwigdurend onduidelijk spel zonder begin of eind, of regels.
Daar liep hun oudste voor ze uit, met even ook iets van een stoer en achteloos loopje, een stok over zijn schouder. En allebei zagen ze het maar weer eens.
Wat wordt ie al groot, stootten ze elkaar aan, vertederd ook.  Moet je nou toch eens zien. Moet je nou toch eens kijken. Onze kleine jongen. Onze grote knul.
De puber die hij ging worden, straks, stak er al aan alle kanten meedogenloos doorheen. Daar was al helemaal niks meer aan te doen. Dat viel niet meer tegen te houden.
En de man bedacht, ook niet voor het eerst, dat als hij nog van zijn kleine jongen wilde genieten, en dat wilde hij, hij het beter nu kon doen. Zo vaak mogelijk. Nu het af en toe nog kon. Kijk maar, naar dat schattige, hoekige huppeltje dat hij er nu opeens weer ingooide. Luister maar, naar dat rare zelfverzonnen liedje, dat hij zomaar schaamteloos luidkeels liep te zingen.
Met tranen achter zijn ogen dat alles maar voorbijging, pakte de man zijn jongen maar eens beet.
En verdomd als het niet waar was, dat ging dus ook alweer bijna onhandig.

25 February 2011
By on 10:41